Tag: Misbruik

2013 Niet Pluis

Zoals gebruikelijk proberen we tijdens onze vakantie ook inspiratie op te doen uit internationale uitwisselingen.

Europa en Azie lijken soms zo verschillend maar toch ook weer zo het zelfde.

Zo verschillend als het gaat om de weeshuisindustrie of toch niet zo verschillend ?

Ego’s, logo’s, slogans

Op een site waar vrijwilligers geworven worden voor een kinderhuis in Azie (Sulawesi) staat het logo van een internationale organisatie tegen kindermisbruik. Bij navraag kennen de internationale organisatie en het kinderhuis elkaar niet. Ook de eigenaren van het kinderhuis zeggen het logo op hun site niet te kennen. Het logo op de site wekt de schijn dat de internationale organisatie het kinderhuis steunt. Bezoekers van de site worden hierdoor misleid. Bezoekers van de site zijn veelal mensen die overwegen vrijwilligerswerk te doen of anderzins het kinderhuis te ondersteunen.

De internationale organisatie heeft actie onder nomen en het logo laten verwijderen. De eigenaren probeerden het nog een keer met het logo van een vergelijkbare organisatie. Ook deze organisatie heeft actie ondernomen en het laten verwijderen.

A whole world …

Ook in Nederland zien we misleiding door ego’s, logo’s en slogans. Of het nu gaat om een reclame voor tandpasta, brillen of om nieuwe vormen van hulp en behandeling. Het is helaas veelal oude wijn in nieuwe zakken. Het gaat helaas vaak met name om organisatie belangen (o.a. voortbestaan, uitbreiding, concurrentie ed)  ipv kwalitatief betere duurzame producten of diensten leveren. De markt werking maakt dat organisaties tegen elkaar uitgespeeld worden en dat terwijl juist samenwerking en samenhang synergie levert.

It takes the whole village/world to raise the child.

Alles draait om geld

De eigenaren van (de site van) het kinderhuis waar vrijwilligers voor geworven worden blijken ook eigenaren van reisbureau’s. Het verhaal gaat dat er naast een klein hotelletje ook een groot hotel in aanbouw is. De vrijwilligers betalen een fors bedrag (ongeveer 200 euro per week) en zelf de vliegtickets. Nergens is terug te vinden hoeveel geld er nu daadwerkelijk naar kinderen gaat voor b.v. eten, studie, kleding e.d. … Gezien de bedragen en levenskosten in Azie roept een en ander vragen op over de geldstromen. De suggestie word op zijn minst gewekt dat zaken mogelijk door elkaar lopen van winstgevende bedrijven en stichtingen zonder winst oogmerk.
Het kinderhuis ziet er verzorgd uit. Er is gezorgd voor de basis zaken. Maar hoe zit het met de daadwerkelijk zorg voor de individuele kinderen? Of is het kinderhuis verworden tot een beschikbaar middel voor financiering. Veel kinderen zijn niet wees, met bepaalde dagen word geprobeerd hen onder te brengen bij de families en bij problemen worden zij teruggeplaats bij de familie. Waarom is de hulp niet direct beschikbaar voor kinderen en hun families? Een vraag die ook gesteld word in het onderzoek ‘someone that matters” (2007)

It’s all about money …

Ook in Nederland gaat het om geld. Onlangs lazen we dat extra zorggelden bedoeld voor ‘handen aan het bed’ en dus extra personeel besteed werd aan bv software, opleiding en/of management. Ook zien we in Nederland toename van besteding van geestelijke gezondheid gelden oa door etikettering via DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders – Handboek voor psychische aandoeningen).

Veel begrippen uit de DSM zijn sterk gerelateerd aan sociaal-culturele waarden en hun veranderingen. Op basis van de DSM kan een DBC (diagnose behandel combinatie) geopend worden waar een prijskaartje aan hangt. Een DBC geeft het geheel van activiteiten van de behandelaar weer (bijvoorbeeld vormen van diagnostiek, behandeling, begeleiding, etc.) voortvloeiend uit de zorgvraag van de patiënt De zorgverzekeraar betaald.

Stijgen de kosten omdat organisaties slim gebruik weten te maken van het systeem (perverse prikkels) of omdat er daadwerkeliik meer mensen zijn die hulp nodig hebben bij psychiatrische aandoeningen?

Vrijwilligerswerk met kinderen in het buitenland

Op de site word vrijwilligerswerk volop aangeprezen. Tijdens ons bezoek waren er 3 vrijwilligster aanwezig en er zouden er nog 3 komen. In het weeshuis waren 14 kinderen (maximaal konden er 20 verblijven). Er waren geen afspraken over werkzaamheden. Het was aan de vrijwilligsters zelf wat zij gingen doen. Ze vertelden dat het gehanteerde dagprogramma als vanzelf liep, ieder kind kende zijn taken en kinderen zorgden voor elkaar. Dit is een beeld wat wij herkennen van andere kinderhuizen in Azie. Ook in het onderzoek “someone that matters” (2007) komt dit beeld naar voren. De vrijwilligsters voelden zich in eerste instantie overbodig. Er is geen matching tussen vraag en aanbod wat betreft kwaliteiten en werkzaamheden. Geen voorbereiding op wat de vrijwilligers kunnen verwachten in een andere cultuur en in het kinderhuis. Uiteraad maken de vrijwilligsters zelf er het beste van. Het binnen halen van vrijwilligers voor de financiele bijdrage lijkt bepalend te zijn en niet het vrijwilligerswerk met als doel het belang van de kinderen. www.bettercarenetwork.nl vraagt ook aandacht voor vrijwilligerswerk met kinderen in het buitenland en heeft oa voorlichtingsdagen en folders.

In Nederland zien we toenemende belangstelling voor vrijwilligerswerk in allerlei vormen en maten …

Samenkracht

Kinderhuizen en toeristen

Op de site is aangegeven dat er een algemeen studiefonds is en je geen kind specifiek financieel kan ondersteunen. Wij kwamen echter een Nederlandse tourist tegen die wel een bepaald kind sponsort.
Deze Nederlander vertelde dat hij ooit vrijwilliger is geweest maar nu niet meer in het betreffende kinderhuis mag komen, slechts nog om het kind dat hij sponsort te halen en brengen. Wij kwamen hem tegen hand in hand lopend met een klein meisje op het terrein van een kinderhuis even verderop. Hier verblijft een zusje van het sponsorkind. Hij had kippen gebracht naar dit kinderhuis.

Op het moment dat wij rond geleid worden door de eigenaar loopt hij ook mee. Hij lijkt ‘kind aan huis’ in dit kinderhuis en gaat in onze beleving erg vrij met de kinderen om. Hij vertelt verschillende verhalen waarvan wij ons afvragen waarom hij ons dit verteld. Zoals bv over een logeerpartij bij de moeder van het sponsorkind, seksuele voorlichting, een weldoener die een wasmachine ed kwam brengen, het weigeren van bepaalde werkzaamheden in Nederland….hij praat graag.

De verschillen tussen de info op de site en de informatie van de Nederlander roepen vragen op. In de korte ontmoetingen met de Nederlander is het ons niet duidelijk geworden waarom hij precies niet meer in het ene kinderhuis mag komen.

Children are not tourist attractions

Het is voor ons (met onze nederlandse kennis, cultuur, normen, waarden) onbegrijpelijk dat een toerist kan rondhangen in een kinderhuis. Voor de betreffende Nederlander was het uiteraard niet rondhangen maar afspraken maken/hebben over halen en brengen van bezoeken zusje.

“Children are not tourist attractions …”

Een jaar na ons bezoek is er in de media uitgebreid aandacht voor de weeshuisindustrie, luister en kijk mee bij vergelijkbare praktijken …

Canvas – Weeshuisindustrie in Cambodja

Cultuur verschillen

Op de site van het kinderhuis is een persoonlijke pagina van de kinderen. Hier staat informatie op ook over het kind dat de Nederlander financieel ondersteunt/sponsort. De nederlander vertelt dat hij vorig jaar een paspoort had geregeld voor het kind (inmiddels jonge vrouw) omdat hij haar naar Nederland wil halen voor een diagnose door kennissen van hem. Van eventuele behandeling is geen sprake ivm de financiele en verzekeringstechnische situatie. Op de site is te lezen dat het kind al met het kinderhuis naar de ziekenhuizen in de grote steden is geweest alwaar een diagnose gesteld is.

De info op de site en de informatie die de Nederlander gaf roepen vragen op. Vragen zoals waarom zou je deze inmiddels jonge vrouw van 19 jaar voor een paar maanden naar Nederland (uit haar vertrouwde omgeving) willen halen terwijl er een diagnose ligt en zij niet in Nederland behandeld zal worden. De belangrijkste vraag is natuurlijk wat deze jonge vrouw er zelf van vind. Wil zij naar Nederland voor een diagnose door kennissen van de Nederlander of voelt ze dat ze geen keuze heeft gezien zijn inzet financieel (studie, mobiele telefoon, bezoek moeder, zusje e.d.) maar ook als nadrukkelijk aanwezige ‘witte persoonlijkheid’. Hoe vrij is zij om haar eigen keuzes te maken ?

Afhankelijkheidsrelatie

Door de verhalen die de Nederlander verteld heeft (o.a. willen bepalen in het kinderhuis omdat hij inventaris geschonken heeft, financieel sponseren en willen bepalen wat het kinderhuis doet aan vervolghuisvesting e.d., paspoort regelen voor medische diagnose …) is er bij ons het beeld ontstaan van een duidelijke macht – afhankelijkheids relatie. De Nederlander gebruikt zijn ‘witte macht’ voor zaken die hij belangrijk vind. Machtspositie is ontstaan oa richting kinderhuis, het sponsor kind, de moeder van het sponsorkind, het kinderhuis waar het zusje van het sponsorkind verblijft e.d. De Nederlander vertelde NB dat hij in Nederland een beroep heeft waar hij juist dagelijks met afhankelijkheidsrelaties en macht om moet gaan. Des te meer verbaasde het ons hoe deze Nederlander (mogelijk naar eer en geweten) zich manifesteerde in deze situatie/cultuur.

Uiteraard willen wij niemand onbedoeld beschadigen. We kennen immers allemaal de verhalen van bv de ten onrechte beschuldigde politieman van t waddeneiland, het boek valse zeden en de mensen die onterecht vast hebben gezeten. Maar ook kennen we de zaken van misbruik door de gewaardeerde badmeester, de aardige medewerker in de kinderopvang en de enthousiaste akela bij de scouting.

En al die mensen achter de computer. Zie Sweetie.

Bovenstaande punten zijn dilemma’s voor ons. We hebben deze feedback naderhand dan ook teruggegeven. We hopen door het geven van feedback een bijdrage te hebben geleverd aan bewustwording, lerend vermogen en het verder professionaliseren van de ondersteuning aan kinderen in Azie.

Zie: Think child safe


2014 en 2015

In 2014 laait de media aandacht op rond weeshuis industrie en vrijwilligers werk, zie bijvoorbeeld;

Zie ook: 2014 Doen wij nog wel het goede?

Last Minute weeshuis (2015)

2012 Henk & Ingrid

We zijn vertrokken en kijken uit over het prachtige meer in Azie.

Dromen naleven – Klik op foto

We hebben voor onszelf gekozen, voor het mooie weer, de prachtige natuur en het samen-leven maar ook samen-werken. We wilden niet vallen voor egoïsme en zelfbelang maar wilden wel goed voor ons zelf zorgen, onze dromen nastreven. Dit vanuit de overtuiging dat je pas goed voor anderen kan zorgen als je goed voor jezelf zorgt.

Verschil maken – Klik op foto

We kunnen misschien niet veel invloed uitoefenen op het macro-economische beleid (of armoede) en op institutionele hervormingen (of corruptie), maar we geloven wel dat kleine veranderingen grote gevolgen kunnen hebben, zoals een steentje in het water.

We kunnen niets doen en gaan zitten wachten tot er misschien wonderen gebeuren maar iets doen in de tussentijd maakt het voor ons leefbaarder en geeft meer vreugde en voldoening. De handen in een slaan met goedwillende mensen en gezamenlijke kleine en grote ideeën uitvoeren. Talenten laten ontwikkelen.

Synergie Eigenkracht

En natuurlijk waren we ook een beetje klaar met Nederland. Steeds meer mensen zeggen hoe het moet en steeds minder mensen doen het. Bizarre politieke discussies en besluiten, geldverslindende processen en projecten. Bijvoorbeeld over bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking, het uitzetten van kinderen.

Zie ook:

De vele mensen die vallen voor zelfbelang, hebzucht en het grotere huis, nieuwe inrichting, duurdere auto, opbieden tegen elkaar en het vormen van clubs met gemeenschappelijke interesses en/of aanzien. Soaps doen zich voor in deze mini-maatschappijen, ieder leert in relatie tot andere mensen.

Wraparoundcare

De dagelijkse struggels op het werk over b.v. de inzet van personeel, budget en bezuinigingen waren ook niet meer in balans met de passie voor het werk n.l. mensen faciliteren opdat ze het weer beter zien en oplossingen vinden voor de problemen waar voor zij zich gesteld zien. Bovenal wins voor kinderen en anderen in achterstandsituaties om hen meer kansen en mogelijkheden te bieden voor de toekomst. Die passie, gedrevenheid en energie zit in onzer beider persoonlijkheid en in ons hart en zetten we nu in in een ander wereld deel dan Europa-Nederland.

It takes a whole village

Uiteraard komen we hier in Azie ook de meest vreemde zaken tegen.

Neem b.v. de eigenaren van Dive & Pleasure. Een goed gerenommeerd duikresort waar we mee maken dat de inlandse vrouw achter de schermen lovergirls regelt voor alleen gaande vakantiegangers. Haar buitenlandse echtgenoot spreekt over domkoppen en gekken als hij het heeft over de lokale bevolking, cultuur en tradities en gedraagt zich volgens mij als een empathieloze narcist uit op winstbejag. Hij gaat liever naar Scandinavië dan dat hij de poorten van zijn resort uit komt.

En dan de verhalen over de synode die de overheid na-aapt en nu ook ook status ontleent uit uniformen, duurdere auto’s, grotere zwembaden, duurder eten, zwaardere sigaren … We ontmoetten een dominee die naast zijn pensioen nog les geeft en gebruik maakt van een pracht huis van zijn baas en vervolgens ons gebruikte om weer even terug te gaan naar z’n oude werkplaats. Onder het mom van ons iets authentieks laten zien reden we op onze kosten in ongeveer 2 uren naar een dorpje langs zee.

De man liep met ons door het dorp waar hij ooit gewerkt had, niet specifieks, maar gewoon een dorp waar hij vanuit jaren terug aanzien had en dus konden we mee eten met de oude buren, kreeg hij planten, fruit en kruiden van de mensen die we tijdens de wandeling tegen kwamen. Er werd geprobeerd of we nog iets konden doen voor een schooltje.

Toen wij op ons verzoek een kijkje gingen nemen bleek het eigenlijk prima voor elkaar en wilden ze nog graag buiten speelmateriaal zoals schommel en glijbaan. Er naast hingen de touwen in de boom waar de kinderen schommelden op zelfgemaakte schommels, niets mis mee toch? Op de terugweg werd er verder geklaagd over de corruptie bij de overheid, de bepalende synode en de dominee die als voorzitter niet onafhankelijk kan zijn. Onder tussen was deze man ook zelf gevallen voor zelfbelang.

Niets is wat het lijkt

Tegen de monsters van de politiek, overheden en religie valt niet te vechten. We moeten terug naar de eenvoud, in de beperking zit de kracht, kleine stapjes dichtbij die goed voelen geeft levensvreugde en voldoening.

Wij initiëren, ontwikkelen en beheren projecten (en in een aantal gevallen mede uitvoeren) die kansen en mogelijkheden vergroten in het algemeen maar in het bijzonder van kinderen en jongeren door actieve participatie van de lokale bevolking.

De projecten verbinden op unieke wijze het potentieel van de lokale mensen, plaatselijke tradities en gebruiken en bevorderen eigen kracht, ontwikkeling en zelfredzaamheid. Daar waar er reeds sprake is van particuliere initiatieven en/of stichtingen verbinden wij deze krachten met het oog op gebruikmaking van elkaars kwaliteiten en ervaringen en gezamenlijke meer rendement behalen.

Eenheid in verscheidenheid

We leggen ons oor te luister bij de lokale bevolking en proberen de logica van hun keuzes te begrijpen.
Wij dragen vanuit onze ervaring en kennis bij aan het bieden van betrouwbare informatie en proberen het aantrekkelijk te brengen, rekening houdend met de plaatselijke werkelijkheid. De lokale bevolking kan beslissingen nemen die passend zijn en op maat en niet gebaseerd zijn op verkeerde veronderstellingen.

We spelen een rol bij het duurzaam implementeren en doorontwikkelingen van voorzieningen b.v. bij het ontwikkelen van plannen voor een resort en uitwisselingen tussen universiteiten. We ondersteunen bij het verkrijgen van subsidies en investeerders b.v. voor het onderhoud van voorzieningen, innovatieve projecten, deskundigheidsbevordering, participatie en uitwisselingsprojecten. We zijn gericht op eigen kracht van de lokale bevolking en het zelfversterkend effect van succes. We werken daarom nauw samen met de dorpsregio’s en het dorpshoofd, de lurah of kepala desa.

Wraparoundcare Netwerk

Investeren in kinderen is investeren in toekomst.
Ik ben dan ook blij dat wij in Azie voor het melkpoederbedrijf kunnen werken bij het onderdeel “maatschappelijk betrokken ondernemen”, door een aantal projectondernemers ingezet worden als contactpersoon en toezichthouder en voor een aantal non-government organisaties gerichte interventies uitvoeren met organisaties en instellingen ter plaatse.

Wat ooit een droom was is voor ons werkelijkheid geworden!

Dromen – Vliegen – Vrijheid – Klik op foto

2011 Schokkend

Is het niet schokkend dat o.a. de commisse Samson en Defence for Children blijkbaar zo ver van de realiteit van alle dag staan dat de resultaten van het onderzoek van de cie Samson hun schokken.

Is het niet makkelijk om achteraf de conclusie te trekken dat er de afgelopen zestig jaar te weinig gedaan is met signalen van seksueel misbruik in instellingen en pleeggezinnen.

Is het niet een algemeen bekend gegeven dat kinderen die slachtoffer zijn van seksueel misbruik vaak bang zijn om hierover te praten en dat mensen die dat wel doen zich vaak onvodoende begrepen of gehoord voelen en kampen met schaamte en schuldgevoelens.

Is het niet algemeen bekend dat de gevolgen van de traumatische ervaringen op de verdere levens van de slachtoffers enorm zijn, verwoestend kunnen zijn en tot suicide kunnen leiden.

Hebben deskundigen niet al herhaaldelijk geschreven over de processen die van invloed zijn op het ontstaan en vaak instand houden van het misbruik met o.a. elementen als afhankelijkheid, zelfbeeld, angst, macht, schuldgevoel, geweld, onderdrukking, eenzaamheid e.d. (b.v. literatuurlijst zedenalmanak).

Natuurlijk dient de Nederlandse overheid het kind te beschermen tegen misbruik binnen instellingen en in pleeggezinnen, en te waarborgen dat er veilige opvang wordt geboden en hierop toe te zien (artikel 3 lid 3 IVRK).

Enige basiskennis en realiteitsbesef leert dat de problematiek complex is en ook de overheid het leven niet maakbaar kan maken.

Realiseert de commissie zich dat vele professionals dagelijks werken met slachtoffers en daders en dus dagelijks werken met de vreselijke feiten van aard, duur, frequentie en gevolgen van misbruik.

Enige kennis van het werkveld leert ook dat er veel aandacht uitgaat naar veiligheid en bescherming, risico inventarisaties, nieuwe programma’s zoals sigs of safety.

Natuurlijk is elk misbruikt kind er een te veel!

Was de getrokken conclusie dat er de afgelopen zestig jaar te weinig gedaan is met signalen van seksueel misbruik in instellingen en pleeggezinnen niet vooraf ingenomen.

Voor The BigBitch is de reactie van de commissie-Samson en defence for children schokkend!

Beste Rieke,
We do not need another hero! (zie: 2010 Echte mannen hebben borsthaar).

Op 6 september 2011 heeft Rieke Samson, voorzitter van de commissie-Samson, tijdens een persmoment de folder “Meld Seksueel Misbruik” gepresenteerd. In deze folder worden jongeren die op dit moment slachtoffer van seksueel misbruik zijn, en in instellingen of pleeggezinnen verblijven, opgeroepen om dit misbruik bij de commissie te melden.

8 Oktober 2012

It takes a whole village to raise a child!

Zie ook Columns:

2010 Waar zijn we mee bezig?

2011 Politiek mishandelt.

Kinderen in jeugdtehuizen “schokkend vaak” misbruikt − 01/05/12, 06:00

Kinderen in pleeggezinnen en tehuizen worden daar drie tot vier keer vaker slachtoffer van seksueel misbruik dan jongeren die thuis wonen. Uit huis geplaatste jongeren met een licht verstandelijke beperking zijn zelfs tien keer vaker slachtoffer. Tussen 2008 en 2010 kwam misbruik in de jeugdzorg “schokkend vaak” voor, stellen wetenschappers van de Universiteit Leiden in een nog niet openbaar gemaakt onderzoeksrapport in opdracht van de commissie-Samson.

Seksueel misbruik is volgens de onderzoekers nog een groot taboe. De helft van de ondervraagde jongeren die slachtoffer werd van seksueel misbruik in de jeugdzorg, durfde zelfs in de anonieme vragenlijst niet te melden wie de dader is. Degenen die wel antwoordden, noemden medewerkers van de instelling als dader, maar ook pleegouders of groepsgenoten.

De commissie-Samson onderzoekt in opdracht van de Tweede Kamer het seksueel misbruik van minderjarigen die door de overheid in instellingen of pleeggezinnen zijn geplaatst. De commissie is in 2010 opgericht in navolging van de commissie-Deetman, die onderzoek deed naar misbruik binnen de katholieke kerk. Het verschil met de meldingen die Deetman ontvangt, is dat de kinderen in de jeugdzorg veelal eerder door hun ouders al zijn verwaarloosd of mishandeld en daarom onder verantwoordelijkheid van het Rijk in een instelling zijn geplaatst.

Historisch onderzoek

De commissie-Samson doet historisch onderzoek. Maar het deelrapport dat nu uitlekt, gaat over het hedendaagse risico op seksueel misbruik in de jeugdzorg. Dat is op twee manieren gemeten: door jeugdzorgmedewerkers te vragen naar gevallen van seksueel misbruik die hun bekend zijn, en door jongeren zelf vragenlijsten te laten invullen. Volgens de gegevens van medewerkers zou gemiddeld 3,2 op de 1.000 kinderen zijn misbruikt in een instelling of pleeggezin. Uit de zelfrapportage van jongeren komt een getal van 188 per 1.000 naar voren.

Het grote verschil is te verklaren doordat de meeste slachtoffers niet praten over wat hun is overkomen. De wetenschappers van de Universiteit Leiden gebruikten dezelfde meetmethode eerder om te onderzoeken hoe vaak misbruik voorkomt onder alle kinderen in Nederland. Ook toen liepen de cijfers van professionals en die van de zelfrapportages door jongeren sterk uiteen. Maar in beide vergelijkingen komt wel naar voren dat kinderen in de jeugdzorg een drie tot vier keer hoger risico lopen slachtoffer te worden dan jongeren die thuis wonen.

Verstandelijke beperking

Vooral kinderen met een licht verstandelijke beperking in de jeugdzorg lopen risico: zij worden tien keer vaker slachtoffer dan kinderen die thuis wonen. Ook komt seksueel misbruik vaker voor bij meisjes dan bij jongens en vaker in jeugdzorginstellingen dan in pleeggezinnen. Daarom moeten jeugdzorginstellingen alleen worden ingezet als “tijdelijke noodoplossing”, vinden de onderzoekers. Juist de aanwezigheid van 24-uurszorg “leidt tot gefragmenteerde opvoeding met weinig continuïteit en stabiliteit in de relaties tussen kinderen en hun professionele opvoeders”.

Slachtoffers van misbruik in de jeugdzorg kunnen zich nog steeds melden bij de commissie, die onder leiding staat van voormalig procureur-generaal Rieke Samson. Het eindrapport wordt in oktober verwacht.

Hier krijg ik een vieze smaak van mevrouw Samson … mei 2013

Omroep Gelderland: Commissie Samson reageert; “Misbruik Neerbosch zeer ernstig”

Berichten, Instellingen, Jeugdzorg, Kindermishandeling, Media

29 Mei 2013

door admin

NIJMEGEN – De commissie-Samson noemt de verhalen over seksueel misbruik in voormalig kinderdorp Neerbosch in Nijmegen zeer ernstig. Het is voor het eerst dat de commissie zich over deze kwestie uitlaat.

De commissie deed onderzoek naar misbruik in jeugdinstellingen. In oktober 2012 verscheen het rapport ‘Omringd door zorg, toch niet veilig‘ (pdf). De commissie concludeerde dat misbruik in instellingen veel voorkwam. Volgens Rieke Samson, voorzitter van de commissie, is slechts een aantal instellingen onderzocht om een representatief beeld van de aard en omvang te krijgen. Neerbosch maakte daarvan geen deel uit.

Oud-directeur verdacht van misbruik

Jeugdzorginstelling Lindenhout laat onafhankelijk onderzoek doen naar misbruik van kinderen in voormalig kinderdorp Neerbosch. Het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut concentreert zich op de periode 1975-1985. Oud-directeur Zalsman Wielenga heeft toegegeven dat hij één kind heeft misbruikt. Bij Omroep Gelderland en hulpinstanties zijn zo’n 10 meldingen over hem binnengekomen.

Artikel oud-directeur

Opvallend is dat in het rapport van de commissie Samson een artikel van Zalsman Wielenga is opgenomen. Hij was destijds als orthopedagoog werkzaam. Het gaat om een artikel uit het tijdschrift De Koepel, één van de destijds belangrijke vaktijdschriften voor de sector Jeugdzorg. Volgens de Universiteit van Groningen, die de bijlage bij het rapport Samson samenstelde, wordt het artikel van Zalsman Wielenga genoemd omdat het een ontwikkeling schetst van de seksuele cultuur binnen de jeugdzorg in de onderzoeksperiode 1945 tot heden. Slachtoffers van Zalsman Wielenga vinden het zeer pijnlijk dat Zalsman Wielenga als deskundige wordt opgevoerd in het rapport.

Reactie slachtoffer:

Verdenkingen bij commissie niet bekend

Volgens de commissie-Samson wisten de onderzoekers niet van de verdenkingen. Rieke Samson laat weten dat de commissie zeer alert was op zogenaamde ‘hotspots’ en herhaald daderschap, maar dat de commissie beide niet heeft aangetroffen. Diverse slachtoffers van Zalsman Wielenga zeggen echter tegen Omroep Gelderland dat ze zijn naam bij de commissie hebben genoemd. Samson zegt dat ze dit niet meer kan nagaan. De commissie is inmiddels opgeheven.

Samson is ervan overtuigd dat er geen sprake is geweest van meldingen over één dader die verschillende slachtoffers heeft gemaakt. ‘Als dat wel het geval zou zijn geweest, dan had ik dat geweten. Wij, de leden van de commissie en de medewerkers, waren daar namelijk zeer alert op.’

Passage uit rapport, deel 3 (bijlagen), pagina 209:

Seksuele cultuur binnen de inrichting in de periode 1945-1965

Zalsman Wielenga, P.J.R. (1972). Kanttekeningen bij de seksuele opvoeding in internaten. De Koepel, 9, 281-285.

‘Maar, zoals werd betoogd in De Koepel, voor veel groepsleiders en stafleden was het moeilijk om de pupillen tot steun te zijn bij hun seksuele ontwikkeling (Zalsman Wielenga, 1972, pp. 281-285). Er werd weinig aandacht aan besteed in de opleiding en daardoor ook in de praktijk. De auteur beschrijft in dat kader het weglopen van twee jongens van 13 en 14 jaar oud. De instelling wist dat deze jongens in waren gegaan op de uitnodiging van een man die bij de politie als pedofiel bekend was. Ook de politie was op de hoogte van de verblijfplaats van de jongens. Men ging echter ‘ten gevolge van onderbezetting bij het politiecorps en drukte elders’ pas de volgende dag poolshoogte nemen. Inmiddels had de man een van de jongens misbruikt. De zaak werd niet hoog opgenomen. Men stelde vast dat de jongens ‘wel een beetje geschrokken’ waren (Zalsman Wielenga, 1972, pp. 281-285). Uiteindelijk leidde deze affaire tot het meer openlijk bespreekbaar maken van seksualiteit binnen deze instelling.’