Tag: Criminaliteit

2009 Schuttingtaal

Politiek en pers stonden eind 2008 weer vol van schuttingtaal

Aan de ene kant van de schutting staan bepaalde politieke partijen en pers die een massahysteriebeeld van almaar toenemende (jeugd)criminaliteit ‘hot’ houden en de samenleving steeds strenger aansturen waardoor men zich sneller onveilig voelt, eerder aangifte doet, meer sancties en hardere straffen volgen, meer blauw op straat, snelrecht… Aan de andere kant de feiten en de behoefte aan meer hulp en bescherming, meer intensieve ambulante begeleiding voor jongeren en gezinnen, de zorg over de wachtlijsten.

Een groei aan schuttingen binnen gezinnen.Het aantal kinderen dat opgroeit in 1-ouder gezinnen is gestegen naar 14%. Ouders zijn druk met de organisatie van het halen en brengen, onderlinge verdeling, interpretatie van gedrag en uitlatingen, nieuwe samengestelde gezinnen en vervallen helaas regelmatig in schuttingtaal waarbij het belang van het kind, dat loyaal is aan beide ouders, het onderspit delft.

Nog steeds zijn er mensen in het onderwijs die klagen omdat zij het idee hebben dat onderwerpen zoals bv. alcoholgebruik, homo-emancipatie, loverboys, breezerseks of overgewicht, over hun schutting word gegooid. Aan de ene kant van de schutting de aanval en vanuit de andere kant de verdediging. Bureaucratie versus onprofessioneel handelen. Uitgebreid screenen van kinderen die met wond- en botbreuken binnen komen in het ziekenhuis verword aan de andere kant van de schutting tot ‘speuren naar kindermishandeling’. ‘Seksmoraal jeugd is losgeslagen’ tegenover ‘kijk en luister beter naar jeugd’. Afschuiven van problemen versus problematiseren en de pers opzoeken. Het niveau en de inhoud rondom de schuttingtaal baren zorgen.

Is er hoop? De burgemeester wordt, als een bromsnor uit Swiebertje, in stelling gezet. Enerzijds door de regievoering rondom de centra voor jeugd en gezin waar alle schuttingen om moeten gaan door het kind centraal te stellen. Anderzijds mag de burgemeester een huisverbod opleggen en de Raad voor de Kinderbescherming dwingen een zaak voor de kinderrechter te brengen. Is dit hoop of een zwakte bod omdat we in het doolhof van schuttingtaal er niet meer uitkomen.

Kinderen hebben geen tijd voor gedoe rondom schuttingtaal. De 4000 kinderen die langer als 9 weken op de wachtlijst staan (zomer 2008) willen nu het recht op jeugdzorg weleens in gelding brengen, evenals de 23.000 kinderen (Januari 2008) die op een wachtlijst staan voor geestelijke gezondheidszorg. Geen tijd te verliezen met schuttingtaal bij de ruim 50.000 kinderen die zonder startkwalificatie school verlieten, de ruim 100.000 slachtoffers van kindermishandeling, de 6000 zwerfjongeren, de 166.000 Wajongers en de ruim 300.000 kinderen die opgroeien in armoede.

2009 Een jaar vol kind gerichte uitdagingen!

2008 Kind van gedetineerde ouder

Justitie cultuur vergt lange adem

Staatssecretaris Albayrak (Justitie) wil gedetineerde ouders meer mogelijkheden bieden om de relatie met hun minderjarige kinderen tijdens de detentie te onderhouden. Op die manier moet de detentieschade voor kinderen van gedetineerde ouders zoveel mogelijk worden beperkt. De maatregelen volgen op een onderzoek naar moeders in detentie, dat het Verwey-Jonker Instituut in opdracht van Humanitas in 2007 heeft gepubliceerd. Door de maatregelen voor een belangrijk deel voor alle gedetineerde ouders van toepassing te verklaren, wil de staatssecretaris ook vaders in detentie in de gelegenheid stellen het contact met hun kinderen te onderhouden (persbericht 8 mei 2008).

Natuurlijk is dit prachtig maar …

Wie staat hier nu centraal?

De gedetineerde ouder of het kind? Als het in het belang is van het kind dan is het goed dat moeders en vaders in de gelegenheid gesteld worden contact met hun kinderen te onderhouden. We moeten kinderen ondersteunen en begeleiden bij het omgaan met de harde realiteit van een gedetineerde ouder. Door het onder ogen zien van de realiteit kan het kind leren het een plaats te geven of het nu gaat om een vader die zijn boetes moet uit zitten, een moeder die drugs heeft gesmokkeld of een moordouder. Binnen hetzelfde gezin kan het ene kind gedragsproblemen ontwikkelen gedurende de detentie van een ouder terwijl het andere kind opgelucht lijkt te zijn en een ontwikkelings- spurt doormaakt.

We moeten kinderen niet onderschatten, niet doen alsof het allemaal wel mee valt, geen geheimen creëren, we moeten hen helpen de realiteit onder ogen te zien. De realiteit van bezoekruimtes mag best wat kindvriendelijker vormgegeven worden en ingericht maar het mag geen schijnvertoning worden die de realiteit ontkent. Instructies voor kindvriendelijk handelen is een prima aanzet maar houding en vaardigheden worden voor een groot gedeelte bepaald door de justitie cultuur. Voor het ene kind kan ouder-kind bezoek een prima activiteit zijn, voor een ander kan het schadelijk zijn. Gedetineerde ouders mogen nooit rechten doen gelden aan het bezoek van kinderen. Het belang van ieder kind is recht op maatwerk. Het belang van de ouder is daaraan ondergeschikt.

Waarom is nu de tijd rijp?

Waarom hebben eerdere onderzoeken en rapporten niet tot maatregelen geleid binnen justitie? Bijvoorbeeld:

  • Save the Children (1995).
  • Project van de Reclassering voor kinderen van gedetineerden zoals:
    • “Nog honderd nachtjes slapen” (1994).
    • “Hoeveel nachtjes slapen nog?” (1995-1997).
  • Het experiment “Moeders met Kinderen in gevangenis Ter Peel” (1993-1995).
  • Het onderzoek en boek van Mevr Wolleswinkel – “Gevangen in moederschap (1997).

Ook was er rond 1996/1997 al sprake van kinderbezoek op de afdeling binnen de vooruitstrevende vrouweninrichting Amerswiel.

Zie: 2008 Kind van gedetineerde ouder (verleden-heden-toekomst).

Een medewerker van de Kinderbescherming die 1 van de 5 deelnemers uit Nederland was op het congres ‘het kind en zijn gedetineerde ouder’ 10 januari 1997 te Brussel nodigde ieder die beroepshalve in het onderwerp geïnteresseerd was uit te reageren om aan te tonen dat het onderwerp weldegelijk leefde. Daarna leek het stil te blijven.  Toch gingen o.a. exodus en gezin in balans door.

Ik wens alle kinderen van gedetineerde ouders toe dat de tijd rijp is binnen justitie om samen met andere relevante betrokkenen en instanties vanuit het belang van ieder individueel kind te kijken of en hoe gedetineerde ouders meer betrokken kunnen worden bij de opvoeding en ontwikkeling van hun kinderen.


Proef “Betere Start” succesvol

Persbericht | 10-10-2011

De proef waarin moeders tijdens en na hun detentie worden geholpen met de opvoeding van hun kinderen werkt. Dat zei staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie vandaag op basis van voorlopige resultaten van wetenschappelijk onderzoek die werden gepresenteerd tijdens het symposium ‘Vrouwen in detentie’ in de Penitentiaire Inrichting Ter Peel. Investeren in kinderen van gedetineerde ouders is van belang omdat uit onderzoek blijkt dat zij een sterk verhoogde kans lopen later ook in aanraking te komen met criminaliteit. Het symposium werd bijgewoond door Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Máxima.

Veel van de vrouwen in detentie zijn alleenstaande moeders, waardoor het effect van de detentie vaak ingrijpender is dan bij mannen.

Omdat uit onderzoek blijkt dat hun kinderen een sterk verhoogde kans lopen later zelf ook met criminaliteit in aanraking te komen, is in samenwerking met de Universiteit Utrecht in 2007 het project ‘betere start’ begonnen.

Betere start

Betere Start is gericht op opvoedondersteuning in de laatste drie maanden van detentie en daarna en gericht op moeders van kinderen tussen de twee en tien jaar. Uit de voorlopige resultaten van het onderzoek lijkt dat bij de kinderen die hebben deelgenomen aan ‘Betere Start’ de risicofactoren voor later delinquent gedrag afnemen. Ook nemen de gedragsproblemen van deze kinderen af. Bij kinderen die niet hebben deelgenomen nemen deze problemen en factoren juist toe. Tot nu toe hebben 113 moeders en 168 kinderen deelgenomen aan het onderzoek. Medio 2012 worden de definitieve resultaten verwacht.

Betere Start richtte zich in eerste instantie op het effect bij de kinderen van gedetineerde moeders. Tijdens de proef is echter gebleken dat er mogelijk ook sprake is van een vermindering van recidive bij de moeders. Naar dit effect zal nader onderzoek worden gedaan.