2010 Ratten in de riolen

Media en privacy zijn elkaars vijanden geworden.

Privacy van slachtoffers en nabestaanden is ondergeschikt aan nieuwshonger

Rattigheid

De maatschappelijke verontwaardiging over de publiciteit rondom Ruben komt bovenop mijn ergenis aan de media in mijn columns; Telegraaf (12-12-2009), lijkenpikkers (20-03-2010), maatschappelijk belang (24-04-2010) en Foei Peter (10-05-2010).

Ruben

Wie klaagt de telegraaf aan, wie zorgt voor een berisping of veroordeling, wie maakt een einde aan deze sensatiehonger die steeds meer bizarre vormen aan het aannemen is. De Telegraaf is zich van geen kwaad bewust als het een telefoongesprek met Ruben op neemt. De telegraaf spreek over ‘ophef’, ‘het is nooit onze bedoeling geweest om misbruik te maken van de situatie van Ruben’.

Wat zij wel betreuren is dat  er onder de lezers het gevoel is ontstaan  van onzorgvuldig handelen. Het gaat ze niet om Ruben, het gaat ze niet om hoe je nieuws brengt (normen en waarden), het gaat ze slechts om de lezers van wie zij afhankelijk zijn. Geen lezers, geen sensatie-consumptie, geen jacht naar sensatie, geen jacht naar bevrediging van sensatie honger, geen inkomen, geen bestaansrecht.

Media

Naast het gebruik van gezond verstand en reguliere normen en waarden, zou het de taak en professionaliteit moeten zijn van een journalist om te kiezen uit de hoeveelheid aan informatie. De journalist heeft hierbij een maatschappelijke verantwoordelijkheid en kan de lezer/kijker ook uit leggen waarom achter bepaalde informatie nog niet  aangejaagd word.

Wie stopt de ratten in de riolen die knagen aan de grondvesten van onze samenleving?

04-08-2010 – Volkskrant

Beelden Ruben konden, interview “ontoelaatbaar”

Van onze verslaggever Wilco Dekker op 04 augustus 2010, 15:18, bijgewerkt 04 augustus 2010, 15:41.

Vliegtuigcrash in Tripoli (Reuters)

AMSTERDAM – Het tonen van foto’s en tv-beelden van Ruben, de enige overlevende van de vliegtuigcrash in Tripoli half mei, was gezien de uitzonderlijk grote nieuwswaarde en zeggingskracht ervan gerechtvaardigd. Het interview dat De Telegraaf met het 9-jarige slachtoffer had, was echter ‘ontoelaatbaar’.

Journalistiek heeft al richtlijnen privacy

Dat heeft de Raad voor de Journalistiek, de ‘waakhond’ van de beroepsgroep, woensdag bepaald in een speciale uitspraak over de crash in Tripoli. De berichtgeving daarover leidde tot veel maatschappelijke verontwaardiging. Volgens de Raad zijn de Nederlandse media inderdaad te ver gegaan. Privacyregels zijn overschreden en bij het publiceren van foto’s van slachtoffers en nabestaanden zijn journalistieke grenzen overschreden.

Dat geldt niet voor het uitzenden van beelden van Ruben in het ziekenhuisbed, stelt de Raad. Ze werden weliswaar in een besloten ruimte gemaakt en zonder toestemming gepubliceerd, maar ze symboliseren volgens de Raad ‘niet alleen de uitzonderlijke tragedie, maar tegelijk de hoop van het overleven.’ Bovendien waren de beelden wereldwijd via internet al verspreid. Vooral de NOS kreeg kritiek voor het direct uitzenden van de ruwe tv-beelden. Hoofdredacteur Hans Laroes erkende later dat beter ‘drie tot vijf minuten’ gewacht had kunnen worden. Zo hadden de beelden eerst gecheckt, gemonteerd en geduid kunnen worden, zodat de presentator en de kijkers voorbereid waren.

Interview

Aanzienlijk minder coulant is de Raad voor het interview dat De Telegraaf met Ruben had, en op de voorpagina afdrukte. De journalist had telefonisch contact moeten vermijden dan wel beëindigen, gezien de weerloosheid en geestelijke toestand van het jeugdige slachtoffer. Het afdrukken van het interview was ook ‘niet noodzakelijk’. Na een storm van protest bood De Telegraaf nog dezelfde dag excuses aan voor het artikel. Niettemin zegden in de dagen erna al duizend abonnees de krant op.

Maar ook veel andere media gingen volgens de uitspraak te ver. Volgens de Raad was het publiceren van foto’s van slachtoffers en nabestaanden ‘niet noodzakelijk om de ernst van het ongeluk te tonen’. Journalisten hadden terughoudendheid moeten betrachten bij het ongevraagd publiceren van foto’s die slachtoffers voor een ander doel op websites als Hyves en Facebook hadden gezet. ‘Door het plaatsen van deze foto’s zijn grenzen overschreden van hetgeen, gelet op de journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.’

Extra leed

Over het fotograferen van nabestaanden schrijft de Raad dat hun daardoor extra leed is aangedaan en dat het belang van de privacy zwaarder moet wegen dan het belang van de publicatie. Het vermelden van de achternaam van Ruben had ook achterwege dienen te blijven, omdat die helemaal niets toevoegde aan de informatie over de ramp.

De Raad kwam gezien de ophef zelf met de uitspraak. Normaal wordt alleen gereageerd op een klacht van een direct belanghebbende. De zogeheten ‘Leidraad’ wordt nu in september aangepast met een specifieke bepaling over de benadering van slachtoffers van ongevallen en rampen. Zo’n bepaling ontbrak tot nu toe.