2008 Eendje

Het is mijn leven in mijn eendje

30 Lentes jong, getrouwd, 2 kinderen. Ik zet alle zeilen bij om de boel draaiende te houden. Mijn man heeft na omzwervingen in de bouw, de gehandicaptenzorg en diverse baantjes via het uitzendbureau, nu eindelijk een full-time baan achter de vuilniswagen. Ik maak bij een aantal huizen schoon opdat we ook nog beleg op ons brood kunnen betalen. De meubels die we 5 jaren geleden via het werk van mijn man konden krijgen zijn hard aan vervanging toe. De TV beneden heeft het net begeven dus halen we het kleine TV’tje van de slaapkamer maar naar beneden. Veel geld gaat naar de computer, als die het niet meer doet dan moet alles wijken.

Mijn man heeft nl een nieuwe hobby ; WoW. Hij speelt een computerspel waarin hij een eigen persoon is, karakter noemen ze dat. Hij kan zijn karakter steeds verder ontwikkelen en bereikt dan steeds meer in de computerwereld. In levels kan hij omhoog. Hij speelt het spel nu ook met anderen mensen, net als bij hyves noemen ze dat vrienden. Des te meer tijd hij er in steekt des te meer bereikt hij in het spel aan beloningen en status, andere spelers kijken tegen hem op.

Hij is bang om vrienden te verliezen of uit de groep gegooid te worden als hij z’n afspraken niet nakomt om het spel te spelen. WoW is zijn leven geworden, hij lijkt helemaal voor- en in deze wereld te leven, hij zoekt zijn geluk in deze nep-wereld. Hij ziet mij en de kinderen niet meer staan, we lijken tot last, halen hem uit zijn computer leven. Hij kan zich niet los rukken als ik b.v. het eten klaar heb en eet met zijn bord achter de computer. Ik ben bezorgd maar kan niets doen. Gelukkig gaat hij nog wel naar zijn werk. Het is zijn leven, hij wil het zelf bepalen.

In zijn eendje

We zijn in een dieptepunt in onze relatie aangekomen. Ik weet niet of ik zo wel verder wil leven. Het is ook mijn leven. Het is het leven van onze kinderen (6 en 7 jaren jong) . We kunnen ze maar 1 keer opvoeden. Voor de kinderen is dit ook niet goed. Maar kinderen willen bij zowel hun vader als moeder zijn.

Moet ik met de kinderen vertrekken ? Kinderen zijn loyaal. De kinderen krijgen zo langzamerhand door dat het er bij ons anders aan toe gaat dan in veel andere gezinnen. Ze zien het bij de ooms en tantes, opa’s en oma’s, buren en op school. Ik vind dat wel lastig maar kan er weinig aan doen. Ik heb mijn handen vol om het staande en draaiende te houden. Het is allemaal erg krap. De een moet hoog nodig nieuwe schoenen , de ander zou naar de kapper moeten.

Het geld van deze maand is echter al weer op. Ik heb nog voldoende brood en rijst om het vol te houden tot het salaris weer komt. Maar het ergste is het gevoel er weer alleen voor te staan, mijn maatje kwijt te zijn. Dit is mijn leven, ik ben 30 en verantwoordelijk voor mijn eigen leven.

In mijn eendje

In mijn hele leven heb ik mij vaak alleen gevoeld en mij staande moeten houden. Ik ben niet verkracht hoor, niet mishandeld en mijn ouders zijn niet verslaafd of crimineel en er is er ook niet eentje vermoord of overleden. Kortom; prima jeugd gehad maar toch vond ik het niet altijd makkelijk. Mijn ouders hadden niet zo’n goed huwelijk. Van de buitenkant leek het wel aardig hoor. Van de buitenkant was het een mooi gezin. Mijn familie trad naar buiten als een gezellige drukke familie, een familie waar veel kan, waar het altijd gezellig is. Ik denk dat velen er bij ons in de buurt zo over dachten.

Maar wat er achter de voordeur allemaal gebeurde dat weten wij alleen. De ruzies, de dreigingen, de tijden van zwijgen waren misschien nog wel de ergste …. Er hing dan weken lang een rot sfeer, mijn moeder sloofde zich uit, mijn vader zei het hoogst noodzakelijke, kort en zakelijk. Tegen over ons probeerde hij dan wel normaal te doen. Mijn vader begon veel te drinken ’s avonds. Ik voelde mij ongelukkig, lusteloos, moedeloos en depressief. Ik kon slecht tegen ruzie. Als m’n ouders ‘s avonds ruzie hadden lag ik in bed te janken. Ik ging voor mijn bed liggen met mijn oor op de grond zodat ik het net kon volgen. Ik lag in bed te janken omdat ik bang was dat de ruzie over mij zou gaan.

Later lag ik te janken omdat ik bang was dat ze zouden scheiden en kiezen wilde ik niet. Ik dacht dan altijd ‘was ik maar vast ouder, dan kan ik op kamers als ze gaan scheiden. Ik wil bij geen van beiden wonen. Ik ga geen partij kiezen’. Ik dacht dat je ouders maar beter dood konden zijn dan gescheiden.

In mijn eendje

Als mijn ouders ruzie hadden dan waren het net een stel kleine kinderen. Ze luisteren niet naar elkaar en praten langs en om elkaar heen. Ik besefte me al vroeg dat ik van hen niet kon verwachten dat ze rustig met ons zouden praten. Ze konden immers niet met elkaar praten, het was alleen maar gekat.
Mijn vader heeft weleens geprobeerd met mij te praten. Hij vond dat ik altijd zo fel reageerde,alsof ik het idee had dat ik wat te kort kwam. Ik heb hem uitgelegd dat als ik elk uur van de dag steeds 10 minuten wat voor één van hen moest doen ik te veel werd gestoord in mijn eigen tijdsbesteding waaronder huiswerk maken valt.

Ik vond dat mijn ouders te pas en te onpas dingen van mij vroegen, ze verplichten mij tot van alles en nog wat. Ik voelde me zo regelbaar, een marionet, die maar mee moet gaan. Verstandelijk kon ik het relativeren en recht breien. Maar gevoelsmatig ging dat stukken moeilijker.

Ik had bestwel fijne ouders hoor, ik weet zeker dat ze van mij hielden, maar ze hadden het veelte druk met zichzelf. Ze vroegen bijvoorbeeld nooit als ik thuis kwam hoe het was, dat vroegen ze pas bij het avond eten of op een ander moment dat zij er aan dachten, dat het hen uit kwam om er naar te vragen. En dan moest ik opeens klaar staan en hun behoeften bevredigen, gezellig vertellen, dat kon ik dus niet. Dat deed mij pijn, er waren wel dingen die ik vertelde en die ze dan gewoon weer vergaten. Of ze begonnen gewoon ergens anders over alsof het niet van belang was wat ik zei.

Ook het spelen, knuffelen en kietelen moest plaats vinden als zij er tijd en zin in hadden en als ik dan gilde dat ze moesten stoppen zagen zij het slechts als aanmoediging om door te gaan. Het was niet kwaad bedoeld, ze waren gewoon te druk met zich zelf en realiseerden zich niet dat alle kinderen anders zijn, anders reageren en je kinderen hier mee kan frustreren. Ook zo’n frustratie was een keer het sinterklaasfeest thuis. Sinterklaas was altijd een grote en gezellige familie happening. Chocolade melk, taai en een wasmand vol cadeautjes. Gezellig feest ,veel lachen, mijn moeder en ik lagen dubbel om de meest flauwe gedichten en mijn vader was zo blij als een kind met sommige cadeaus. Natuurlijk had ik deze keer door dat ik minder kreeg dan de rest maar als kind laat je dat niet merken, je trekt je stilletjes terug.

De borrel kwam op tafel, chips, hapjes en opeens schoot het mijn moeder te binnen. ‘Helemaal vergeten, voor jou ligt er nog een cadeau boven in de kast. Kind waarom heb je dat niet gezegd….’. Het lag altijd aan mij , of ik mocht zaken niet vragen ‘daar ben je nog te klein voor, dat gaat je niet aan’, ‘waarom vertel je nooit iets als we vragen hoe het geweest was ‘etc….

In mijn eendje

Toen de scheiding van mijn ouders eenmaal zo ver was had ik niets te kiezen. Mijn ouders hadden besloten dat ik bij mijn moeder moest gaan wonen en ze hadden weer zo veel ruzie dat ik vervolgens mijn vader jaren niet gezien had. Mijn moeder vond het heerlijk dat ze van mijn vader af was, ze begon uit te gaan, er kwamen verschillende mannen over de vloer, ze kwamen en gingen weer. Ook ik kwam en ging weer, amper 13 jaar, ik dacht ‘wat mijn moeder kan dat kan ik ook’. Het duurde niet lang. Ik werd uit huis geplaatst. Een crisis plaatsing. Binnen 6 weken moest helder worden hoe het verder met mij zou moeten.

Ik heb in die 6 weken een hoop aandacht kunnen krijgen. Als het mij niet beviel dan gilde en stampte ik het uit totdat ik echt over de toeren was en niet meer kon stoppen. Op het toppunt stootte ik mijzelf een bloedneus. Vervolgens kreeg ik de aandacht die ik wilde. Vaak van die ene groepsleider. Ik vond hem gewoon een geweldige man, een soort vader. Eerst dachten ze dat ik mezelf daadwerkelijk niet onder controle kon houden maar later hadden ze wel door dat ik dat best kon als ik dat wilde. Als er daadwerkelijk iets aan de hand was dan reageerde ik normaal en hielp de situatie op te lossen zoals toen 2 groepsgenoten elkaar met een stoel te lijf gingen en toen ik met een groepsleidster aan het fietsen was en zij zich met het bloemen plukken in de hand sneed. Na die 6 weken crisisopvang mocht ik weer naar huis.

Mijn moeder had tips gekregen hoe met mij om te gaan en ik had tips gekregen hoe met mijn moeder om te gaan. Alles zou beter worden vertelde mijn moeder want ze had nu de liefde van haar leven gevonden; Piet.
Piet was weduwe, zijn vrouw was overleden, ik heb nooit goed begrepen waaraan. Piet had ook kinderen. Mijn moeder en Piet zaten soms uren aan de keukentafel te praten . Af en toe legde ik nog weer eens mijn oor op de vloer om mee te luisteren. Ik hoorde dat ze samen wilden gaan wonen, samen een groot gezin wilden vormen met ons en de kinderen van Piet. Ze hadden al bedacht wat dat aan huur zou schelen en wat voor leuke dingen ze daar voor konden gaan doen.

Piet had de huur al opgezegd. Op een avond deed mijn moeder overdreven aardig, ze wilde graag met mij praten zei ze. Ze zette een pot thee op tafel en ik dacht ‘nu moet ik oppassen, dit lijkt serieus’. Ze vroeg mij hoe ik het zou vinden als Piet met zijn kinderen bij ons in zou komen trekken, samen een groot gezin, leuke dingen doen met elkaar e.d…Als ik het niet zou willen dan gebuerde het natuurlijk niet, zei mijn moeder. Ik stamelde maar wat want ik wist dat het toch al besloten was. Deze schijnvertoning maakte dat ik mij nog minder serieus genomen voelde. Ik trok mij nog verder terug in mijn eigen wereld; ‘ze doen maar, ik ga gewoon mijn eigen gang, ik leid mijn eigen leven.

In mijn eendje

Piet trok met zijn kinderen bij ons in. Het was soms best gezellig hoor met zo veel mensen aan tafel. En ik leerde b.v. van de dochter van Piet hoe ik tampons moest gebruiken. De kinderen van Piet leerden mij naar muziek luisteren. Maar al snel bleek dat de zoon van Piet drugs gebruikte en daar niet altijd geld voor had. Ik moest in mijn eigen slaapkamer mijn eigen verdiende geld verstoppen omdat ik niet wilde dat hij het zou vinden. De veiligheid die ik in mijn eigen kamertje nog dacht te hebben verdween zo ook.
Met mijn broer ging het eigenlijk steeds slechter, hij begon te spijbelen, werd een paar keer door de politie thuis gebracht. De ruzies namen weer toe. Ook Piet probeerde invloed op mijn broer uit te oefenen. Dat werkte averechts. Mijn broer was ondertussen zonder dat iemand het wist op zoek gegaan naar onze vader. Hij had hem gevonden. Hij mocht bij onze vader gaan wonen. Onze vader zorgde voor een baantje bij de gevangenis waar onze vader werkte en mijn broer had zich te houden aan enkele regels.

Dat van die regels viel wel mee want het bleek dat mijn vader en zijn nieuwe vriendin echte levensgenieters waren. Er werd veel gegeten en gedronken en plezier gemaakt. Soms bleven er diverse mensen slapen en niemand wist naast wie hij wakker werd. Een tijd lang hoorde ik niets van mijn broer totdat ik via via hoorde dat hij z’n baantje kwijt was omdat hij geld gejat had. Zou je onze vader moeten horen……Ik ben de kroegen af gegaan om mijn broer te zoeken. Ik heb hem gevonden.

We hebben uren zitten praten aan de kroegtafel, hand in hand, de ogen van mijn broer bleven maar stromen, dikke tranen rolden over zijn wangen. Ik vroeg hem of hij drugs gebruikte maar dat ontkende hij. Ik vroeg hem waar hij anders dat gejatte geld voor nodig had maar dat bleef in het midden. Mijn broer was inmiddels het huis uitgezet door mijn vader en verbleef in de nachtopvang van het Leger des heils. Maar niet die nacht want wij zijn samen tot diep in de nacht uit gegaan, we hebben uren staan swingen op de dans vloer.

Thuis ging het eigenlijk allemaal wel z’n gangetje. Ik kon doen en laten wat ik wilde als ik maar met eten thuis was of belde. Regelmatig baalde ik wel van het gezeur, je moet dit en je moet dat, en je moet niet zus of zo doen, je moet wat vriendelijker zijn e.d.. Ik had het druk met huiswerk maken maar kreeg de indruk dat mijn moeder dat niet zo serieus nam. Ik was zeer gemotiveerd want mijn diploma was de weg naar werk en werk was de weg naar inkomen, het huis uit gaan, mijn eigen leven leiden. Ik had de indruk dat mijn school voor mijn moeder niet zo belangrijk was omdat ik een meisje was en toch wel zou trouwen en kinderen krijgen. Ze kregen gelijk. Af en toe was er weer een conflict.

Bijvoorbeeld toen mijn moeder de trap af kwam stormen en riep:’waarom luister je niet als ik iets zeg, je kan toch wel gehoorzamen’. Alsof ik een robot ben, die haar bevelen opvolg of behoort op te volgen. Zelfs Piet zei zoiets als :’naar je moeder luisteren’. Dat viel me van hem tegen. Mijn moeder deed al het mogelijke om mij in haar ban te krijgen. Ze bedacht de stomste argumenten om mij als robot te doen luisteren. Ze leefde nog met denkbeelden van 100 jaar geleden.

Zoals van de vriend haalt vriendin op en vraagt beleefd hoe laat vriendin weer thuis moet zijn en zorgt er persoonlijk voor dat het meisje weer thuis afgeleverd wordt, als post pakketje. Ook herinner ik mij nog het voorbeeld van de telefoon. In eerste instantie zei m’n moeder dat ze wilde bellen en of ik een einde aan het gesprek wilde maken. Ze gaf mij daar echter niet de tijd voor en begon mij op te draaien en op te jutten. Logisch dat ik daar tegen in ging. Ze wist dat ik er een hekel aan heb als ze tegen mij praat terwijl ik aan de telefoon ben. Toen ze zomaar het telefoon gesprek liet stoppen door op het knopje te drukken ben ik woest geworden. Ik vind dat zij niet het recht heeft om een telefoon gesprek af te breken.

Dan kan ze nog zo zeuren van ‘Piet zou er om 5 uur zijn en hij is er nog niet,we moeten weg misschien is er wel iets gebeurd, je broer had kunnen bellen … ‘. Door al dat gezeur van haar kon ik het telefoongesprek niet op een normale manier beëindigen. Ik vond dat onbeschoft, onfatsoenlijk en egoïstisch. Het stomst vond ik nog dat ze als ze afgekoeld is niet zegt dat het inderdaad fout is om iemands telefoongesprek zomaar af te breken,maar ja … Van vrienden hoorde ik ook wel vergelijkbare verhalen van ruzie, irritatie e.d. met hun ouders. Bij de meeste vrienden werd dit echter later uitgepraat en werden er opnieuw afspraken gemaakt. Er over praten dat was er bij ons niet bij. Kinderen hebben slechts te luisteren en te gehoorzamen. Ik vind luisteren prima maar neem zelf mijn beslissingen. Het is mijn leven.

In mijn eendje

Mijn moeder en Piet hadden hun handen vol aan de kinderen. Ik weet nog dat op oudejaarsavond Piet halsoverkop naar de wallen is gegaan omdat zijn zoon belde met een zielig verhaal dat hij het nieuwe jaar opnieuw wilde beginnen en of Piet hem daarbij wilde helpen. Piet zijn hart smolt en bedacht zich geen moment. Het verhaal gaat dat hij vervolgens autopech kreeg en door de ANWB de wallen is uitgesleept. Ik vond het wel een mooi verhaal maar of het waar is weet ik niet.
Mijn moeder was een keer bang voor de zoon van Piet, ze kon hem niet meer aan.

Hij kan soms héél koppig, dwingend en indringend doen. Mijn moeder geeft hem dan zijn zin om ruzie of gevecht te voorkomen. Zo kreeg ik een keer ergens de schuld van en werd op hysterische wijze weggestuurd om zijn woede aanval te voorkomen. Ik was toen zo ontzettend kwaad dat ik zonder eten de deur uit ging en een eind ben gaan fietsen om af te koelen. Eigenlijk wist ik niet waar ik heen moest, en ben uiteindelijk maar weer terug gegaan.

In mijn eendje

Ik begon steeds meer vrienden te krijgen. Ik begon ook vrouwelijke vormen te krijgen, mijn borsten sprongen uit mijn blouse. De jongens vielen hier prompt voor dus ik ging er mee spelen. Ik verdiende sigaretten , ze namen mij mee naar concerten allemaal om maar even met hun neus in mijn borsten te mogen snuiven. Ik werd het meisje van de groep en voelde me goed als ik met de groep op pad was, ze kwamen voor mij op, hielden mij in de gaten, ik was hun trots, trofee, mascotte. Omdat ik nog zo jong was maakten ze in die tijd nog geen misbruik van mij. Het was een geweldige tijd waarin ik volop genoot van de aandacht en het er bij horen.

Ik dacht steeds vaker aan de toekomst, later als ik uit huis ben dan … Maar ik realiseerde mij ook dat ik leefde in het hier en nu, totaal financieel afhankelijk. Aan de ene kant die vrij zelfverzekerde buitenkant en aan de andere kant dat onzekere meisje, vooral in nieuwe situaties. Wat voelde ik mij vaak eenzaam en alleen. Mijn gevoel en mijn verstand ver¬schilden vaak zo erg van elkaar. Ik dacht in die tijd dat dat kwam omdat er bij ons thuis altijd puur zake¬lijk en verstandelijk gedacht werd, het gevoel speelde nauwelijks een rol. Huilen, woede, alle gevoelsreacties werden de grond in geduwd, daar was geen plaats voor. Het is mijn leven.
Vroeger was ik doodsbang dat de relatie van mijn ouders stuk zou lopen en het gebeurde rond mijn twaalfde.

Nu herhaalt het zich en ben ik 30 en bang dat onze relatie stuk loopt. Ik voel dat we aan de onderkant zitten, de bodem van onze relatie. Werken, computerspel, werken, kinderen in bed, werken, computerspel, is er nog wel een relatie? Maar dan zijn er weer van die fijne momenten, een weekeinde, een heerlijke avond, samen delen, bij elkaar.
Er is geen evenwicht. Ik voel me zo alleen.

In mijn eendje

Ik voel me een buitenstaander. Ik wil niet moeilijk doen, nu je het zo druk hebt met alle veranderingen op je werk en je het WoW nodig hebt als uitlaadklep. Maar ik voel me zo eenzaam, zo ongewenst. Ik voel afstand, gemis. Ik heb het druk genoeg met het huis, werken en de kinderen. Maar ik ben alleen, ik voel me alleen. Ik overleef. Ik voel me eenzaam. Ik voel pijn. Ik voel me er niet bij betrokken, ik voel me genegeerd. Geminacht, onderschat, verwaarloosd, te kort gedaan. Is dit het nou? Is dit het gezinsleven ? En dan heb ik het nog niet eens over de tijdsduur van het samen-zijn.

Ik heb het over interesse voor elkaar, gerichtheid op elkaar, elkaar serieus nemen, betrokkenheid, delen. Hoe lang gaat dit door? Waar gaat dit naar toe? De oudste vroeg laatst al met tranen in zijn ogen ’waarom doen jullie nooit leuke dingen met ons, houden jullie meer van de computer dan van ons ?”.

In zijn eendje

Waarom leven we zo langs elkaar, ik in mijn leven en jij in je computer leven. Wat voor de één logisch is, is voor de ander onvoorstelbaar. Ik wil niet met de kinderen ten onder gaan aan jouw levensstijl. Ik wil niet elke keer onzeker zijn om jou, door jou. Ik wil niet zonder jou. Als jij zo blijft leven kan ik niet anders dan voor mijzelf kiezen, voor mij en de kinderen. Wat wil jij?

‘Willen is kunnen’

… is al jaren ons motto.

Maar jij lijkt je alleen nog voor WoW te willen interesseren. Duizenden uren zitten er in en je zegt bang te zijn dat je investering weg is als je stopt. En hoe zit het dan in je investering in mij, de moeder van je kinderen ?
Zo’n vreemd gevoel, ik wil contact, geen afstand. Het is alsof je ergens anders bent, je doet maar, je ligt maar … Ik praat maar … Ik word er onzeker van en ga dan maar praten, praten, praten. Wat is dit toch, wat gebeurt er?

Het doet zo’n pijn. Het voelt zo alleen. Zo eenzaam. Ik vecht om te overleven, ik voel me zo alleen. Ik ben zo bang, voor nog meer pijn, bang om je te missen, bang voor wat komen gaat. Bang om er alleen voor te komen staan met de kinderen. Ik voel zo’n te kort. Ik voel me geamputeerd.

In mijn eendje

Een verademing, heerlijk samen gegeten, samen gerommeld, samen naar vrienden, samen naar bed. Eindelijk weer samen, samen dingen doen, samen-leven. Ik heb er van genoten, het maakt me rustig, ontspannen.Het is ons leven.
Ik houd het niet vol, ik red het niet, ik ga kapot. Zo wil ik niet leven, zo kan ik niet leven. Het doet zo’n pijn. Ik wil geen huis zijn, geen inventaris, zonder onderhouden te worden. Ik wil dat je me lief hebt, tijd voor ons neemt, ik wil dat je naar mij verlangt, dat je me nodig hebt, dat je mij waardeert, dat je voor mij kiest, dat je van mij houd.

Ik heb nu steeds het gevoel dat ik dat moet bevechten. ik begrijp nu niet meer zo veel van jou. Ik wil met je praten maar er is geen tijd, jij hebt geen tijd, het computer spel gaat voor. En dan ga ik weer overleven, verstand op nul, blik op oneindig en doen alsof er niets aan de hand is, keep on smiling. Ik ben het zo ongelooflijk zat. Is een beetje tijd voor ons gezin nu zoveel gevraagd. Er moet iets gebeuren, onze relatie gaat zo kapot. Hoe vaak heb ik dit nu al gezegd? Ik word er zo moe van, hopeloos, ellendig, alleen. Is dit mijn leven ?

In mijn eendje

De kinderen doen hun best maar jij ziet ze niet staan, je snauwt ze af en geeft ze bevelen. Je lijkt moe en zegt soms dat je het liefst dagen zou willen slapen. De kinderen proberen je aandacht te trekken door b.v. je een biertje te brengen. Jij blaast de rook in hun gezicht. Laatst stond de jongste wel een kwartier voor de voordeur omdat jij je niet los kon rukken van WoW om de voordeur open te doen.
Waarom neem ik mijn eigen verantwoordelijkheid niet voor mijn leven, voor het leven van onze kinderen, waarom maak ik geen einde aan deze absurde marteling, waarom … mijn liefde voor jou is blijkbaar sterker dan mijn liefde voor mijzelf, voor mijn leven, voor mijn kinderen.

Als jij niet weet waarom je ’s nachts als ik in slaap gevallen ben het bed weer uitsluipt om verder te gaan WoW, hoe moet ik het dan nog weten. Wat verwacht je van mij dat ik het maar weer vergeet, doe alsof er niets aan de hand is, de stoere sympathieke meid uithangen, het schaap met vijf poten, die alles maar slikt, stikt in d’r pijn. Wacht je tot ik verdwenen ben, de schulden opgelopen zijn en je familie niet veel meer kan doen dan een zakdoek aanreiken.

Ik blijf gelukkig voelen, voelen dat ik zo niet leven wil, die dubbelheid. Ik voel cynisme opkomen, bitterheid. Overleven. Er begint iets te knappen, ik wil zo niet leven, ik kan zo niet leven. Hoe vaak heb ik al op dit punt gestaan. Het zoveelste dieptepunt.
Ik houd mij staande. Ik probeer de perfecte vrouw uit te hangen. Maar het is een vlucht in de volmaaktheid, een vlucht waarbij ik mezelf te kort doe, mezelf ontken, opzij zet. Ik leef niet vanuit mezelf, ik leef vanuit jou. Ik richt mijn leven niet in zoals ik dat wil. Mijn leven laat ik inrichten door jouw keuzes. Ik word geleefd.

In mijn eendje

M’n lichaam zegt af en toe ‘nee’, en geeft signalen af. Ik kan aspirines slikken, dokters bezoeken … maar ik kan ook gewoon naar mezelf luisteren, bij mezelf te raadde gaan. En als ik dat doe, hoeveel pijn het ook doet, hoe heftig ik hierdoor ook geëmotioneerd raak, dan kan ik niet anders dan tot de conclusie komen dat ik zo niet leven wil. Als ik mezelf serieus wil nemen, een beetje respect voor mezelf wil tonen, mijn kinderen een meer liefdevolle zorgeloze jeugd wil geven, dan zal ik conclusies moeten trekken, keuzes maken. Ik moet niet meer wachten, niet meer afgeven, niet meer bedelen, niet meer gefrustreerd raken of wat dan ook naar jou toe. Ik ben zelf verantwoordelijk voor mijn leven, zoals jij dat ook bent voor jouw leven.

In mijn eendje